Varkens en kippen bijvoorbeeld eten vlees én planten. De koe, de geit, het schaap en het paard daarentegen zijn echte planteneters. Je kunt dat vaak ook zien aan hun gebit. Ze hebben geen scherpe tanden waarmee ze het vlees van botten kunnen eten. Een kip kan dat trouwens ook niet, maar die doet zich te goed aan kleine insecten.
Ook onder de huisdieren (de ‘gezelschapsdieren’) heb je vlees- en planteneters. Van de huisdieren zijn zang- en siervogels, knaagdieren zoals de hamster, de muis en het konijn, echte planteneters. Ze eten zaadjes, de vrucht/graankorrel of de stengel of het blad van een plant. De hond en de kat lusten ook vlees.
Bij vissen en vogels hangt het er maar net vanaf wat voor soort het is. Roofvissen (piranha’s) en roofvogels (bijvoorbeeld een valk of een uil) zijn grote vleeseters. En natuurlijk zijn er ook vissen en vogels, die behalve planten insecten eten. Ook bij reptielen (slang, schildpad, salamander) hangt het er maar net vanaf welke soort je hebt. Een slang bijvoorbeeld is een echte vleeseter, maar een schildpad eet bladeren en stengels van planten. Die lust op zijn tijd ook wel een blaadje sla.
